Writers Block
Het is nog donker buiten.
Heilige kaarsje brandt.
De laptop zoemt eisend.
Laat maar komen, die woorden. Ik lust jullie rauw.
Oh magische stroom van de hersenspinsels. Kom gauw.
Mijn voeten wiebelen op de koude houten vloer.
Onrustige schaduwen beklimmen de muren.
Het flikkerende canvas wacht op mijn literaire vuur.
Dat maar niet wil vonken.
Ik wacht op dat moment
Dat mijn stem de wereld in mag.
Maar de verbinding gaat op zwart.
Het labyrinth van de taal
Creatieve constipatie wint het van de woorden diarree.
Ik. BEN. inspiratieloos.
Een zweempje maar? Een gedachte uit mijn linkerteen.
De schepen die normaal al toeterend uitvaren.
Liggen bewegingloos te dobberen in de haven.
Net als mijn vingers op dit toetsenbord.
Ik moet. Ik moet. Anders ben ik niet goed.
Wat als de sluizen open staan en mijn woorden niet komen.
Wat als alles opdroogt. En de bron, een plasje water was.
Maar wat als…
De inspiratie geen tandpasta is die je uit de tube moet persen
Wat als het niet UIT je, maar eerst IN je mag stromen.
Als een kiezel in een rimepelloos meer.
Meestal gebeurt dit als je schijt.
Of als het warme water over je lichaam glijdt.
Even de antenne tunen.
Diepzee duiken naar die grote vissen.
Dus ‘Schrijf de slechtste zin van je leven’
“Flip Flap Vla…mijn laatste hersencel ligt nog in de la”
Het is niet het einde van de weg.
Het is een uitnodiging om dieper te graven.
En daar gaat het eerste schip. De horizon tegemoet.
De overweldigende stilte is geen leegte meer.
Maar een oneindig canvas.
Het ruime sop wacht op mijn inkt,
Come make art. Sprak de kapitein van de Azart.
A ship of fools. That is what we are.
Het was een bevel aan mijn ziel
En ik? Ik vaar mee.
Want ik kies voor de literaire zee.