Ode aan al mijn delen
Dat deel. Dat ooit een contract met zichzelf afsloot.
Dit nooit meer.
Dat deel. Dat altijd op scherp staat.
Want wie weet. Gebeurt het weer.
Dat deel. Dat zichzelf bij voorbaat afwijst.
Want dat geeft minder pijn.
Dat deel. Waar geen man aan kan voldoen.
Want voor papa moest jij de princes zijn.
Dat deel. Dat blijft doordenderen.
Want in de rust ligt de plek waar jij mij misschien verlaat.
Dat deel. Dat zich niet durft te hechten.
Want wat als zij mij opnieuw schaadt.
Dat deel. Met een stenen muur.
Want dat hart werd ooit gekweld.
Dat deel. De bewaker van mijn zijn.
En door de warmte van mijn hart weer smelt.